Hoeben, Henricus Johannes Gerardus
- Geboortedatum:
- 30 oktober 1899 (Teteringen/Noord-Brabant, Nederland)
- Overlijdensdatum:
- 28 februari 1942 (Berlijn, Duitsland)
Biografie
Hein Hoeben woonde in Breda, Teteringsedijk 26 (adres op Duitse Sterbeurkunde Wijk B, nr. 35). Hij was zoon van manufacturier Henricus Simon Antonius Hoeben (19 mei 1870 Rotterdam - 5 juli 1922 Breda) en Christina Maria Bos (28 juli 1872 Rotterdam - 7 januari 1954 Breda). Hoeben huwde op 16 augustus 1927 met Katharina Louise Maria Färvers (29 maart 1901 Hinsbeck, Dld. - 27 december 1985 Teteringen). Het echtpaar had drie zoons en twee dochters. Hij was Doctor in de philogie. Hij werkte als journalist, vertaler en letterkundig medewerker.
Grote invloed op dr. Hein Hoeben had het strijdbare katholicisme. Volgens Frank van Vree wilde deze katholieke stroming het communisme en later ook het fascisme en nationaalsocialisme bekampen door 'de arbeiders een volwaardig cultureel en sociaal alternatief te bieden.' Met een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het strijdbare katholicisme, de Duitse jezuïet Friedrich Muckermann (1*), werkte hij nauw samen en raakte hij bevriend.
Hoeben volgde het gymnasium bij de minderbroeders in Langeweg. Zijn gezondheid belette dat hij toetrad tot de 'blote-voeten-paters' (Kapucijnen). Hij studeerde filosofie tijdens zijn noviciaat bij de Paters van het Heilig Hart in Ginneken. Daar kwam door ziekte een eind aan. Na zijn MO-studie Duits ging hij aan de universiteit in München letteren en filosofie studeren.
Hij schreef voor het katholiek-democratische weekblad De Nieuwe Eeuw en later voor de dagbladen De Tijd en De Maasbode over toneel en literatuur.
Ook was hij gedurende enige tijd medewerker van de Kölnische Volkszeitung, vertaalde hij boeken en fungeerde hij als hoofdredacteur van de Jaarlijksche Boekenschouw. Voorts produceerde hij een boek over de kloosterlinge Anna Catharina Emmerick (1774-1824).
Nadat Muckermann in 1925 in Münster het persbureau 'Katholischen Korrespondenz' had opgezet, begon Hoeben twee jaar later zelf een katholiek persbureau. Dat heette aanvankelijk 'De Roomsche Wereldpost'. Later werd de naam gewijzigd in Katholieke Wereldpost (KWP).
Dat werd uitgebouwd tot een (geheim) wereldwijd netwerk van correspondenten, dat zeker vijfhonderd dag- en weekbladen voorzag van allerlei katholiek nieuws. Het werd de voornaamste nieuwsbron over de nazistische repressie van de katholieke kerk in Duitsland.
Het was daarom ook geen wonder dat de nationaalsocialisten bijzonder fel ageerden tegen de KWP en zijn medewerkers. De Katholieke Wereldpost werd gezien als een 'haard van anti-Duitse propaganda en spionage'. Volgens een geheime aanwijzing van medio januari 1938 voor de Duitse pers was Hoeben 'der Haupturheber der katholischen Auslandhetze gegen Deutschland'. (2*) Frank van Vree schrijft dat het naziregime de KWP dan ook op verschillende manieren trachtte te dwarsbomen
Reeds zes maanden voor de Duitse aanval op ons land startten Nederlandse nationaalsocialisten een zenuwenoorlog tegen Hoeben. Elke avond werd hem telefonisch dreigend voorgehouden dat hij zijn anti-nazicampagne moest staken, want anders zou hij op het moment van de inval worden vermoord. Hoeben besefte terdege dat hij gevaar liep.
Na de inval van de Duitsers in ons land vluchtte hij met zijn gezin naar België. Op 10 mei 1940 viel, al of niet doelbewust, een bom voor zijn woning annex het KWP-kantoor. Samen met zijn medewerker Louis Soeterboek en diens echtgenote trok hij verder naar Parijs. Later raakte men elkaar kwijt. (3*) Hoeben verbleef nog een aantal weken in Frankrijk, maar keerde eind juli 1940 in Nederland terug (4*).
Op 1 augustus 1940 werd hij reeds door Duitse politiemensen gearresteerd. Via de Kloosterkazerne in Breda en de kazerne te Vught kwam hij op 16 augustus 1940 met katholieke geestverwanten in de Arnhemse gevangenis terecht. Al snel volgde overbrenging naar de politiegevangenis aan de Alexanderplatz in Berlijn, waar de omstandigheden bar slecht waren.
Hoeben, sinds begin september 1940 opgesloten in een kleine cel met eerst nog daglicht en later zonder (5*), werd onderworpen aan verhoren, die een grimmiger karakter kregen. Maar namen van medestanders noemen deed hij niet, zoals van hem werd verlangd. Ondanks het eenzame verblijf van een steeds zieker wordende gevangene man in een donkere isoleercel, een vorm van psychische marteling, bleef hij geestelijk ongebroken.
Alleen de Nederlandse attaché Adrianus Millenaar, die bij het Zweedse gezantschap was gedetacheerd (6*), mocht hem als vertegenwoordiger van het Rode Kruis een keer in de drie weken bezoeken. Verschillende keren poogde de diplomaat tevergeefs Hoeben vrij te krijgen. Begin februari 1942 werd hij overgebracht naar het Staatshospitaal. Aan het eind van die maand stierf hij uitgeput.
Voor zijn verdiensten voor de katholieke kerk is hij in 1938 door Paus Pius XI benoemd tot Ridder in de Orde van Sint-Gregorius de Grote. In 1985 werd het Verzetsherdenkingskruis aan zijn weduwe overhandigd. Op zijn graf is een monument geplaatst, dat ook Arnold - Noud - van Lierop herdenkt. Zijn naam prijkt voorts op monumenten in Moerdijk, Vught en Waalre. Naar Hoeben zijn straten vernoemd in Teteringen (Doctor Hein Hoebenlaan), Oss (Doctor Hoebenstraat), Waalre (Dr. Hoebenstraat) en Best (Doctor H.J.G. Hoebenstraat).
(1*) Friedrich Johannes Muckermann (17 augustus 1883 Bückeberg (Dld.) - 2 april 1946 Montreux, Zwit.).
(2*) 'de belangrijkste man achter de buitenlandse hetze van katholieken tegen Duitsland.'
(3*) Het echtpaar Soeterboek wist via Sete naar Engeland uit te wijken.
(4*) Wat de reden van de terugkeer is geweest, is volgens een artikel in dagblad de Stem in 1992 ook de kinderen Louise en Hein jr. nooit precies duidelijk geworden. 'Het moet een complex van factoren zijn geweest, denken ze. Wat in elk geval meespeelde was dat een van de kinderen tijdens hun verblijf in Frankrijk ziek was geworden. Louise vermoedde echter dat de waarschuwing van de Duitsers dat vluchtelingen hun nationaliteit zouden kwijtraken als ze niet voor 1 augustus zouden terugkeren, de doorslag heeft gegeven. 'Ik heb vader een paar keer horen zeggen dat hij dat niet wilde. Hij wilde per se Nederlander blijven.' '
(5*) Het artikel in de Stem: 'Louise herinnert zich dat moeder de kinderen op een avond naar de sterren liet kijken. 'Vader schrijft dat hij ook veel naar buiten kijkt, vertelde ze en als dan de zon, de maan of de sterren ziet, denkt hij aan ons.' Dat lazen de Duitsers ook en prompt blindeerden ze de vensters van de cel.'
(6*) Adrianus Millenaar (10 januari 1899 Andel - 18 augustus 1986 Leidschendam). Al in 1939 was afgesproken dat Zweden bij een oorlog tussen ons land en zijn oosterburen de Nederlandse belangen in Duitsland zou behartigen. Millenaar, sinds 1928 werkzaam bij het Nederlandse gezantschap in Berlijn, werd bij het vertrek van de Nederlandse diplomaten in 1940 verzocht om achter te blijven om de Zweden te helpen bij hun werkzaamheden om de Nederlandse belangen te beschermen.
Hoeben werd begraven op de Stedelijke Begraafplaats aan de Rummelburgerstraat in Berlijn. Op 27 juni 1949 is hij herbegraven in Teteringen.
Heeft u zelf meer informatie over deze persoon? Lever het aan!
Bronnen
- Informatie:
- - HEUVEL, C.C. VAN DEN e.a., Verzetsherdenkingskruis, Samsom Uitgeverij, 1985.
- Jack kooistra Archief
- Huygens Instituut/
- https://erfgoedbrabantverhalen.nl/
- https://oorlogsgravenstichting.nl/personen/64264/henricus-johannes-gerardus-hoeben
- We zullen hen niet vergeten. Bredase slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en van het conflict Nederland - Indonesië 1945-1950 - Jacques Sadée en Corrie Lossez
- Van de Roomsche Katholieke Wereldpost naar het Katholiek Nederlands Persbureau (de geschiedenis van het geloof in een eigen katholieke nieuwsdienst van 1927 tot 1973) - Corrie Sweep en Ad Maas
- Noord-Brabant
- Laatste wijziging: 23-09-2026